Agenda

Beurskalender

Rentebesluiten, bedrijfscijfers en economische data op één plek.

Eerstvolgende
🔒 Alleen voor leden

Mis nooit meer een belangrijk moment

  • ▦
    De volledige agendaAlle rentebesluiten, bedrijfscijfers en macrodata, met bronnen.
  • ★
    Kies wat je volgtAlleen de onderwerpen die jij belangrijk vindt.
  • !
    Belangrijk nieuwsWat er echt toe doet, kort samengevat.
  • ⏰
    HerinneringenZet elk moment met één klik in je eigen agenda.
Gratis lid worden Gratis. Educatie, geen advies.
Politiek

Vanaf 2028 laat de EU JOU betalen: tot € 840 per jaar extra!

· 6 min lezen · Door de BitFox redactie

Een gezin wacht bij een auto aan een tankstation terwijl een vrachtwagen voorbijrijdt tijdens een warme zonsondergang. AI-beeld

Onderzoek en illustratie ondersteund door AI. Gecontroleerd door de BitFox redactie.

In het kort

  • De Europese ETS2 regeling wordt in 2028 volledig operationeel en zet een CO2 prijs op fossiele brandstoffen voor vervoer en verwarming.
  • Het Planbureau voor de Leefomgeving raamt de extra kosten voor typische Nederlandse huishoudens in 2030 op 10 tot 70 euro per maand.
  • Benzine, diesel, aardgas en stookolie vallen onder de regeling, waarbij leveranciers de kosten waarschijnlijk doorberekenen aan klanten.
  • De EU zegt de overgang te willen versnellen en kwetsbare gezinnen te ondersteunen, maar de steun dekt niet automatisch de rekening van ieder huishouden.

Een gemiddeld Nederlands huishouden kan door een nieuwe Europese CO2 regeling in 2030 tussen de 120 en 840 euro extra per jaar kwijt zijn. Dat is de raming van het Planbureau voor de Leefomgeving voor typische huishoudens. De Europese Unie noemt het een middel om uitstoot te verminderen. Voor gezinnen die dagelijks rijden en hun huis met gas of stookolie verwarmen, voelt het vooral als een nieuwe rekening.

De regeling heet ETS2. De invoering stond eerst gepland voor 2027, maar is uitgesteld tot 2028. De vraag is niet alleen hoeveel het kost, maar ook wie de rekening betaalt en wie deze regels heeft besloten.

De EU zet een prijs op uitstoot van rijden en verwarmen

De Europese Unie wil haar uitstoot terugdringen en in 2050 klimaatneutraal zijn. Het bestaande Europese emissiehandelssysteem geldt al voor onder meer elektriciteitsproductie en zware industrie. ETS2 breidt het systeem uit naar fossiele brandstoffen voor wegvervoer, gebouwen en bepaalde kleinere industrieën.

De Europese instellingen hebben deze uitbreiding in 2023 vastgelegd in de herziene richtlijn voor emissiehandel. In 2026 is de start uitgesteld tot 2028. De regeling is dus geen nieuwe belasting die een Nederlandse of Belgische regering zelfstandig heeft bedacht. Het is Europees beleid dat lidstaten in nationale regels moeten uitvoeren.

De bedoeling is dat fossiele brandstoffen duurder worden en mensen daardoor eerder kiezen voor minder uitstoot. Maar wie niet zomaar een andere auto kan kopen, geen warmtepomp kan betalen of buiten de stad woont, heeft niet altijd een betaalbaar alternatief.

Dit wordt extra belast bij rijden en wonen

ETS2 belast niet rechtstreeks iedere automobilist of huiseigenaar. De regeling verplicht leveranciers van fossiele brandstoffen om emissierechten te kopen voor de uitstoot van de brandstoffen die zij verkopen. Die rechten worden via veilingen verkocht. Leveranciers kunnen de kosten doorberekenen in hun prijzen.

De extra CO2 kosten raken vooral het gebruik van:

  • Benzine voor auto's en andere voertuigen.
  • Diesel voor auto's, bestelwagens en vrachtwagens.
  • Aardgas voor verwarming en warm water in woningen.
  • Stookolie voor verwarming, onder meer in woningen die geen aardgasaansluiting hebben.
  • Andere fossiele brandstoffen in de sectoren die onder ETS2 vallen.

Dit is een extra prijsprikkel boven op bestaande accijnzen en belastingen. De precieze verhoging hangt af van de prijs van emissierechten en de manier waarop leveranciers de kosten doorberekenen. De Europese Commissie verwacht bij een CO2 prijs van 48 euro per ton ongeveer 11 cent extra per liter benzine en 13 cent per liter diesel.

Wat betekent dat? De EU stuurt de rekening niet als losse aanslag naar iedere inwoner. De extra kosten komen waarschijnlijk terecht in de prijs aan de pomp en op de energierekening. Daardoor betalen mensen die veel fossiele brandstof gebruiken doorgaans meer.

Een Nederlands gezin kan honderden euro's extra betalen

Het Planbureau voor de Leefomgeving onderzocht de gevolgen van ETS2 voor Nederlandse huishoudens. In de raming van mei 2026 komen de extra brandstofkosten voor typische huishoudens in 2030 uit op 10 tot 70 euro per maand. Dat verschil is groot, omdat huishoudens niet allemaal evenveel rijden of dezelfde brandstof voor verwarming gebruiken.

Rekenvoorbeeld: Neem een gezin dat door ETS2 gemiddeld 40 euro per maand extra betaalt voor benzine en gas. Dat komt neer op 480 euro per jaar. Een huishouden aan de bovenkant van de PBL raming betaalt 70 euro per maand, oftewel 840 euro per jaar. Dit zijn voorbeelden op basis van de geraamde bandbreedte, geen vaste bedragen voor ieder gezin.

Voor België publiceerde het Federaal Planbureau in 2025 een simulatie waarin de extra kosten voor huishoudens op basis van een CO2 prijs van 60 euro per ton werden geschat op 250 tot 400 euro per jaar. Die berekening ging nog uit van invoering in 2027 en houdt geen rekening met alle latere veranderingen. Ze is daarom niet rechtstreeks vergelijkbaar met de Nederlandse raming voor 2030.

Voor beide landen geldt dat de werkelijke rekening afhangt van het brandstofverbruik, de marktprijs van emissierechten en nationale maatregelen. Een gezin dat weinig rijdt en elektrisch verwarmt, wordt anders geraakt dan een gezin dat dagelijks met de auto reist en een slecht geïsoleerd huis met gas verwarmt.

De rekening raakt lagere inkomens relatief harder

Een gezin met een hoog inkomen kan vaak gemakkelijker investeren in isolatie, een elektrische auto of een andere verwarmingsbron. Voor een gezin dat iedere euro nodig heeft voor boodschappen en vaste lasten is dat lastiger. De hogere brandstofprijs komt eerst, terwijl een alternatief vaak duizenden euro's aan investering vraagt.

Het Planbureau voor de Leefomgeving waarschuwt dat ETS2 het risico op energiearmoede en vervoersarmoede vergroot. Vooral mensen die afhankelijk zijn van hun auto of fossiele verwarming en weinig geld hebben om over te stappen, lopen risico. Zij kunnen hun verbruik niet altijd snel genoeg aanpassen om de kosten te beperken.

De Europese Commissie wijst op het Sociaal Klimaatfonds als tegenmaatregel. Dat fonds moet steun mogelijk maken voor onder meer woningisolatie, schonere verwarmingssystemen en vervoer. Voor de periode 2026 tot en met 2032 is 86,7 miljard euro voorzien, inclusief bijdragen van lidstaten. Dat is een Europees budget voor maatregelen, geen cheque die automatisch naar ieder huishouden gaat.

Wie heeft dit besloten en waar gaat het geld naartoe?

De Europese Commissie heeft de uitbreiding voorgesteld. Het Europees Parlement en de lidstaten hebben de wetgeving in het Europese besluitvormingsproces aangenomen. De basis ligt in de herziening van de ETS richtlijn uit 2023. In 2026 is de planning aangepast en de start verschoven naar 2028.

De EU zegt dat de regeling de uitstoot moet verminderen en de overstap naar schonere energie moet versnellen. De opbrengsten van de veilingen moeten worden gebruikt voor klimaatmaatregelen en sociale maatregelen. Een deel financiert het Sociaal Klimaatfonds.

Daarmee blijft een ongemakkelijke vraag staan. Hoe eerlijk is een klimaatbeleid dat de prijs van rijden en verwarmen verhoogt voordat ieder gezin de middelen heeft om over te stappen? De doelstelling is Europees, maar de gevolgen komen terecht in de huishoudbudgetten van inwoners. Als compensatie niet aansluit bij de werkelijke kosten, blijft een deel van de gezinnen met de rekening zitten.

De prijs kan hoger of lager uitvallen dan de eerste raming

De extra kosten staan nog niet vast. De prijs van emissierechten wordt gevormd op de markt en kan veranderen. In een briefing van augustus 2026 beschreef de onderzoeksdienst van het Europees Parlement uiteenlopende schattingen voor de CO2 prijs in 2030. Sommige ramingen liggen duidelijk hoger dan de 48 euro per ton die in de Europese impactanalyse werd gebruikt.

De Europese regels bevatten een mechanisme om extra emissierechten vrij te geven als de prijs te snel oploopt. Dat kan de stijging afremmen, maar is geen vaste bovengrens voor de prijs. Ook blijft de uiteindelijke rekening afhangen van nationale maatregelen en de keuzes die huishoudens kunnen maken.

Vragen die gezinnen aan hun overheid mogen stellen

  • Hoeveel extra verwacht de regering dat een gemiddeld gezin in eigen land betaalt?
  • Welke huishoudens komen in aanmerking voor steun en hoe vraag je die aan?
  • Hoeveel van de opbrengsten gaat naar compensatie en hoeveel naar andere klimaatmaatregelen?
  • Hoe worden mensen geholpen die geen geld hebben voor isolatie, een warmtepomp of een elektrische auto?
  • Wanneer worden de ramingen aangepast aan de werkelijke prijs van emissierechten?

Dit artikel is uitsluitend bedoeld als educatieve uitleg en is geen financieel advies.

Bronnen

Delen: WhatsApp LinkedIn X
Let op: Dit is educatie en geen financieel advies. Beleggen en crypto brengen risico's met zich mee en je kunt je inleg verliezen.

Elke week de beste uitleg in je mailbox

Lees ook