AI raakt 40% van de banen en starters voelen de druk
In het kort
- Het IMF stelt in oktober 2026 dat AI ongeveer 40% van de banen wereldwijd kan veranderen, verminderen of laten verdwijnen.
- In ontwikkelde economieën kan het aandeel oplopen tot 60%.
- Onderzoek van de ILO laat zien dat de meeste banen die met generatieve AI te maken krijgen eerder veranderen dan verdwijnen.
- Een basisinkomen is geen automatisch gevolg van de groei van AI.
Op 12 oktober 2026 waarschuwde IMF directeur Kristalina Georgieva dat kunstmatige intelligentie ongeveer 40% van de banen wereldwijd kan veranderen, verminderen of laten verdwijnen. In ontwikkelde economieën kan dat aandeel oplopen tot 60%. Vooral jongeren die hun eerste baan zoeken, kunnen de gevolgen merken. Maar het cijfer betekent niet dat vier op de tien werknemers binnenkort werkloos zijn.
Het IMF waarschuwt voor een arbeidsmarkt die snel verandert
De waarschuwing kwam tijdens de jaarlijkse bijeenkomsten van het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank in Bangkok. Georgieva omschreef AI als een langzaam opkomende vloedgolf voor de arbeidsmarkt. Volgens haar verandert de technologie niet alleen hoe mensen werken, maar ook hoe bedrijven personeel aannemen en hoe overheden belasting innen.
Het IMF is een internationale organisatie die landen ondersteunt bij economische stabiliteit en financiële problemen. Het onderzoekt onder meer groei, werkgelegenheid en risico's voor de wereldeconomie. De cijfers zijn daarom relevant, maar ze zijn geen exacte voorspelling van toekomstige ontslagen.
Het percentage van 40% betekent dat AI invloed kan hebben op een baan. Sommige werknemers krijgen hulpmiddelen waarmee ze sneller werken. Bij andere functies kan AI taken overnemen, waardoor minder personeel nodig is. In het uiterste geval kan een functie verdwijnen. Dat zijn verschillende uitkomsten, en ze mogen niet op één hoop worden gegooid.
Vooral jongeren kunnen hun eerste baan moeilijker vinden
Tijdens dezelfde bijeenkomst waarschuwde de president van Singapore dat afgestudeerden minder kansen kunnen krijgen op hun eerste baan. Veel starters beginnen met eenvoudige taken. Ze verzamelen informatie, maken verslagen, verwerken gegevens of beantwoorden standaardvragen. Juist zulke werkzaamheden kan AI steeds vaker uitvoeren.
Als een bedrijf minder junior medewerkers nodig heeft, wordt het moeilijker om werkervaring op te bouwen. Dat kan ook gevolgen hebben voor de volgende stap in een carrière. Wie geen eerste baan vindt, krijgt immers minder mogelijkheden om door te groeien naar een specialistische functie.
Toch is het niet zeker dat starters overal minder kansen krijgen. Bedrijven kunnen ook nieuwe functies creëren rond AI, controle en dienstverlening. De uitkomst hangt af van de sector, de opleiding en de manier waarop werkgevers de technologie invoeren.
De ene baan loopt meer risico dan de andere
Administratie, klantenservice, vertaalwerk en delen van marketing en financiële dienstverlening bevatten taken die AI kan ondersteunen of overnemen. Ook programmeurs en analisten krijgen met die verandering te maken. Het gaat niet alleen om eenvoudig werk. AI kan ook teksten beoordelen, informatie vergelijken en ingewikkelde documenten samenvatten.
De International Labour Organization, de ILO, onderzocht in 2025 hoe generatieve AI verschillende beroepen kan beïnvloeden. Volgens deze organisatie werkt ongeveer één op de vier mensen wereldwijd in een beroep met enige blootstelling aan generatieve AI. De onderzoekers verwachten dat de meeste van deze banen veranderen, in plaats van volledig verdwijnen.
Werk waarbij mensen lichamelijk handelen, onverwachte situaties oplossen of persoonlijk contact bieden, is vaak moeilijker volledig te automatiseren. Denk aan bepaalde zorgtaken, onderhoud en technisch werk op locatie. Ook daar kan AI helpen met planning, administratie of diagnose. Geen beroep is dus automatisch veilig.
AI kan werknemers ook productiever maken
AI kan een medewerker helpen om sneller informatie te verzamelen, documenten te controleren of een eerste versie van een rapport te schrijven. Daardoor blijft mogelijk meer tijd over voor klanten en ingewikkelde beslissingen. Dat kan de productiviteit verhogen, wat betekent dat een werknemer met dezelfde tijd meer werk kan doen.
Onderzoek van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling, de OESO, uit 2024 liet zien dat vier op de vijf ondervraagde werknemers vonden dat AI hun prestaties verbeterde. Drie op de vijf zeiden dat AI hun werkplezier verhoogde. Dit onderzoek bewijst niet dat iedere werknemer voordeel heeft, maar het laat wel zien dat AI meer kan zijn dan een vervanger.
Ook bedrijven gebruiken de technologie steeds vaker. Eurostat meldde in december 2025 dat 20,0% van de bedrijven in de Europese Unie met minstens tien werknemers AI gebruikte. In 2024 was dat 13,5%. Bij grote bedrijven liep het aandeel in 2025 op tot 55,03%. De invoering is dus al bezig, maar de cijfers zeggen niet hoeveel banen hierdoor zijn verdwenen.
De economische winst komt niet vanzelf bij iedereen terecht
AI kan bedrijven efficiënter maken en economische groei ondersteunen. Het IMF wees in oktober 2026 op de rol van investeringen in AI bij de groei van de wereldeconomie. Tegelijk waarschuwde de organisatie dat de voordelen ongelijk verdeeld kunnen raken.
Als bedrijven meer produceren met minder personeel, kan een groter deel van de opbrengst naar kapitaal en bedrijfswinsten gaan. Werknemers die hun baan verliezen of minder onderhandelingsmacht krijgen, profiteren dan niet vanzelf mee. Overheden kunnen bovendien minder inkomsten uit loonbelasting ontvangen als werk verschuift van mensen naar technologie en kapitaal.
Dat betekent niet dat dit overal zal gebeuren. Het laat wel zien waarom scholing, sociale bescherming en belastingbeleid onderdeel zijn van het debat. De vraag is niet alleen hoeveel werk AI overneemt, maar ook wie de voordelen ontvangt.
Een basisinkomen is nog geen vaststaand antwoord
Als AI op termijn veel werk verandert, komt de vraag naar inkomenszekerheid vanzelf op tafel. Een universeel basisinkomen betekent dat mensen periodiek geld ontvangen zonder dat dit direct afhankelijk is van hun werk of inkomen. Het idee wordt al langer besproken als mogelijke reactie op automatisering.
Er bestaat echter geen automatisch recht op een basisinkomen doordat AI banen beïnvloedt. Het IMF heeft in zijn analyse van 2024 vooral gewezen op sociale vangnetten, opleiding en ondersteuning voor werknemers die kwetsbaar zijn. Een basisinkomen is een politieke keuze en vraagt om afspraken over de financiering en de hoogte van de uitkering.
Andere oplossingen zijn omscholing, hulp bij het vinden van werk en betere toegang tot opleidingen. Welke aanpak passend is, hangt af van de werkelijke gevolgen en van de keuzes van overheden. Voor Nederland en België geldt dat eventuele nieuwe inkomensregelingen eerst politiek en wettelijk moeten worden vastgesteld.
Vragen om te stellen voordat je je zorgen maakt
- Welke taken in mijn beroep kan AI nu al uitvoeren?
- Welke vaardigheden kan ik ontwikkelen om met AI samen te werken?
- Biedt mijn werkgever opleiding of begeleiding bij nieuwe technologie?
- Hoeveel van mijn werk vraagt om menselijk oordeel, ervaring of persoonlijk contact?
De cijfers van het IMF verdienen aandacht, maar ze voorspellen niet hoeveel mensen daadwerkelijk hun baan verliezen. Ze wijzen op een grote verandering waarbij beleid, scholing en de keuzes van werkgevers bepalen hoe de gevolgen worden verdeeld.
Dit artikel is uitsluitend bedoeld als educatieve informatie en is geen financieel, juridisch of loopbaanadvies.
Bronnen
- Reuters, IMF says AI investment keeps global growth around 3% but brings massive disruption, 12 oktober 2026
- IMF, AI Will Transform the Global Economy, 14 januari 2024
- ILO, Generative AI and jobs: A 2025 update, 20 mei 2025
- OESO, Using AI in the workplace, 15 maart 2024
- Eurostat, 20% of EU enterprises use AI technologies, 11 december 2025